Waan van de dag

zouteloos oeverloos troosteloos hopeloos

Saaie dromen

SAAIE DROMEN 
door John van ’t Hoff

Steeds hoor ik, bijna met afgunst, dat mensen opwindende dromen hebben. Bizarre, lucide zeepbellen, bijna niet na te vertellen. Of nachtmerries die steeds weer terugkeren, altijd weer even vreselijk. Een minderheid zegt nooit te dromen, althans geen weet te hebben van dromen. Mensen zoals ik dromen wel degelijk, maar het zijn uiterst saaie dromen. Er gebeurt niets vreemds of verassendst, alles gaat volgens geijkte patronen. Heel gewone dingen, niets om te onthouden, laat staan op te schrijven. Zo droomde ik laatst dat ik in een wachtkamer zat, van een ziekenhuis of zo. Het duurde maar en het duurde maar, steeds werden er mensen naar binnen geroepen die later dan ik waren gaan zitten. Maar ik werd daar niet boos om; integendeel, ik was blij voor die mensen. Ik zat intussen een heel saai tijdschrift te lezen over mooie saaie modeltuinen. Tegenover mij zat een verdorde man die ook maar steeds niet binnen werd geroepen. Uiteindelijk zat ik helemaal alleen in die wachtkamer, en ik ben toen maar naar huis gegaan om daar de krant te gaan lezen. Toen ik daarmee klaar was kon ik gelukkig naar bed. Toen droomde ik dat ik wakker werd en daarna meteen weer in slaap viel.



Voeg een reactie toe


naam

e-mail

reactie